Wise words…

Ik heb een agenda. Zoals zovelen waarschijnlijk 😉
Aangezien ik een meisje ben dat houdt van mooie woorden en wijze dingen, heb ik een agenda met wijze schrijfsels in.
Een paar weken geleden stond er dit:

‘Al je geluk, leven, projecten, toekomst en alles waar je naar verlangt, heb je voor je. Vandaag. Nu.’

Eentje om te onthouden… 😉

Advertenties

Liefjesdag

Valentijn, daar doen wij niet aan mee, veel te commercieel!
Zegt Vriend en ik doe ‘cool’ mee, want het commerciële kantje van die feestdag heeft er inderdaad een melige sluier over gegooid.
Maar stiekem vind ik het toch oh-zo jammer dat er geen extra liefde bij was gisteren. Een kleine surprise, dat hoeft geen geld te kosten. Maar het idee dat er iemand aan je gedacht heeft, van je houdt en je dat wil laten zien, zelfs extra op deze dag. Wat is er mooier dan een dag vol liefde? Ook al lijkt die wat cliché. En kom nu niet af met ‘elke dag is een Valentijn-dag’! Want dat wordt na een minuut alweer vergeten…

Papa – Stef Bos

Elke keer ik het liedje hoor heb ik het weer. Ik kan het niet beluisteren zonder tranen. Het raakt me diep. Er zit alles in: woede, liefde, ontzag, respect, afkeur,…

Hoe dicht onze ouders op onze huid zitten. We kunnen ons zo vaak wassen als we willen, het gaat er niet af.

Papa… Waarom doet dat woord zo’n pijn?

Baal

Soms heb je er helemaal geen zin meer in. Alleen om even weg te zijn van de wereld. Vluchten van de platgelopen paadjes en ja-knikkende muntjesvreters.

Zoals vandaag…

And JUMP!

Keuzes, keuzes, vandaag de dag hebben we er zoveel! Ik behoor tot de generatie waarbij vrijwel alles mogelijk was. Grenzen werden verlegd en werelden openden zich zoals ons hartje begeerde. Dan worden we ouder, staan op eigen benen en alles lijkt wat minder mogelijk dan toen. We verdienen bijlange zoveel niet als onze ouders toen en moeten beseffen dat alles niet zo mogelijk is als we altijd dachten. Keuzes dringen zich op. Welke weg gaan we op? Waarvoor kiezen we en wat laten we vallen? Want nu blijkt, financieel is niet alles mogelijk. Kinderen, trouwen, een huis en reizen gaan niet allemaal samen in één zin. Toch niet met een werkend woord tussen. Tenzij je een leven à la de Pfaffs leidt… Geld is een issue geworden. Behoeftes werden gecreëerd en we kunnen er maar moeilijk afstand van doen. En dan slaan we tilt.
Hoe moet het verder? Hoe kiezen we? Reizen, kinderen, een huis…? Waarmee stellen we ons tevreden? Zijn we nog tevreden genoeg en hoeveel hebben we ervoor nodig? Zijn we eerlijk genoeg tegen onszelf en houden we rekening met onze grenzen? Willen we niet teveel en zijn we niet te ongelukkig als dit niet lukt?
Ik kan hier natuurlijk alleen voor mezelf spreken. Maar als ik zo eens rond hoor, lijk ik niet de enige te zijn. Heb jij dat ook? Is het een generatie-ding? Of ben ik behoorlijk verkeerd bezig?
Waarom lukt het me niet om keuzes te maken en echt te genieten? Waarom is dat springen zo moeilijk? En dat volwassen zijn zo klote?

Ssssjt

Waarom is het zo stil? Wanneer stopt iemand met schrijven? Om niet geconfronteerd te worden met zichzelf? Is zwijgen vluchten?
Veel en niets is gaande. Veel in mijn hoofd, niets in realiteit. Toch niet waar ik naartoe wil. Het is druk, ik blijf watertrappelen op dezelfde plek, vechtend tegen het opkomende water. Net niet verdrinken en toch proberen verder te bouwen aan je toekomst.
Wanneer denken stopt met woorden worden begint het stilstaan. Merci om aan mijn jas te komen trekken 😉

Busy bee

Het zoemt hier weer van jewelste: grotere verantwoordelijkheid op het werk, verbouwingen thuis, rommel in mijn hoofd en mijn hart dat rollercoasters afgaat.

Kan even niet eens stllstaan

Beetje vreemd om zo mijn laatste maand als twentysomething door te gaan

Iets

‘Hoe gaat het nu met je ?’ vroeg de chirurg op mijn controlebezoek.

Het ging vrij goed met mij, de littekens waren aan het genezen, ik kon weer slapen op alle kanten van mijn lijf en de vooruitzichten naar een leuke zumba-avond lagen weer in het verschiet.

‘Hebben er nog mensen in je familie problemen met de darmen?’

Och dokter, we vloeken wij daar allemaal wel eens op. En we lachen daar wat mee dat we de ambetantedarmgenen aan mekaar doorgeven.

Hij keek wat bedenkelijk. Waardoor ik ook wat bedenkelijk werd.

‘We hebben iets gevonden in je appendix en dat was niet zo goed’.

Pardon?! Say that again?

De minuten daarop kreeg ik een uitleg waarvan ik achteraf alleen nog maar de woorden ‘poliep’, ‘slijmen aan het vormen’, ‘stadium 1’, ‘FAP’, ‘erfelijke aandoening’, ‘kanker’, ‘nog op tijd bij’, ‘geluk gehad’, ‘dood’ en ‘verder onderzoek doen’ kon herinneren.

Er werd een colonoscopie of zoiets vastgelegd voor de week nadien en ik kon naar huis.

And then it hit me: ik kan doodgaan! Mijn zijn hier is beperkt. Er is nog zoveel dat ik wil doen, voelen, ruiken, ervaren…! Ik heb de wereld nog niet gezien, ben nog niet eens getrouwd, heb nog geen kind kunnen voelen groeien in mijn buik, niet kunnen ervaren hoe dat voelt, de liefde voor een kind…

Aan doodgaan denk ik als een oud bezeke, met verrimpelde sporen van leven en genoeg geschiedenis en verhalen achter de kiezen!

Ik heb het onderzoek ondergaan (das nog een verhaal op zich!) en alles is ok. Voor de komende 3 jaar hoef ik me geen zorgen te maken. Toch niet over een mogelijke darmkanker in mijn lijf.

Soms kan iets je helemaal veranderen, hoe klein ook, en sta je even stil. Toeme, ik moet meer uit mijn leven halen en het niet zo ‘vershappen’!

What if

We gaan allemaal dood. Op een dag, maybe soon, maybe later. But eventually, we all die.

Stel dat je nu weet dat je einde nabij kan zijn, wat doe je dan met wat je nog rest? Wat doe je als je stilstaat bij je eigen beperktheid?

Grmbl

Het is mijn dag niet vandaag. Vriend heeft alle goede bananen meegenomen naar het werk en laat voor mij een half bruine over (als je me een beetje kent, dan weet je dat ik ’s morgens een bananenchake eet als ontbijt en dat ik geen fruit met plekken eet). 1e grmbl van de dag.

Ik doe de hond weg naar de kapper, een half uurtje later krijg ik telefoon dat ze met vlooien zit (de hond, niet de kapper), dus ganse huis weer onder handen nemen?

Bij de bank krijg ik telefoon en laat mijn bankkaart inslikken.

Terug thuis stap ik uit de auto en zie dat mijn stoel vol met zilver kattenhaar hangt. Ik draai me om naar de achterkant van mijn winterjas die ik na lange tijd van de kapstok had genomen. Oh jawel, de kat had haar weg gevonden naar de vestiaire en er haar slaapplaatsje van gemaakt. GRMBL!

En het was nog geen 10 uur!!

Ondertussen ben ik hopeloos op zoek naar een papier voor de mutualiteit met de handtekening van mijn chirurg, de reden van mijn afwezigheid op het werk en de voorgeschreven ziekteperiode, anders willen ze mijn gewaarborgd loon van 4 (!) dagen niet uitbetalen. Aaargh!

Beetje grmbl anyone…? Chance dat ik geen appendicite meer kan krijgen…

« Older entries